De lof die op het verschijnen van sommige nieuwe werken vooruitloopt, die verbrodt het voor mij.
In eerste instantie werkt ze wel hoor, want ik wil het besproken werk lezen, nu, direct.
Maar. Er wandelt een berg van verwachting met me mee.
Neem nu 'Freedom' van Jonathan Franzen, of 'The terrible privacy of Maxwell Sim' van Jonathan Coe (*).
Ik heb ervan genoten, ja, zeker, maar niet zoals ik gedacht had. Niet zoals bij het eerste werk dat ik las van Jonathan Franzen, The Corrections. Of zoals ik 'The circle is closed' van Coe las.
Misschien lees ik te gulzig en proef ik niet genoeg wat ik lees. Een te grote leeshonger is dus niet gunstig. Dit is een beetje dubbel, want recensies zijn als een aperitief : ze scherpen de honger.
Maar dan die berg! Hooguit klauteren de geprezen werken tot halverwege, meestal blijven ze al veel eerder uitgeteld in zijn schaduw liggen. En ik blijf met de vraag of de berg nu de oorzaak is, of dat die er niets mee te maken heeft.
Hoedanook, beter komt een boek traag, of onverwacht in mijn blikveld. Boekenwinkels of een bibliotheek binnenlopen en door de collectie struinen. Bladeren in literatuurgeschiedenissen, anthologieën, essaybundels.... Het is het ontdekken dat het doet voor mij.
¨(*) Trouwens, wat een fluteinde: Maxwell ontdekt dat hij slechts een personage is in een boek, en dat dat boek nu en hier eindigt.
???
Ik herinner me hoe moeilijk, en hoe belangrijk ik het einde van een verhandeling vroeger vond. Voor een roman liggen mijn eisen minstens even hoog. Kan iemand een pleidooi houden voor dit einde? Ik nodig u uit.
zaterdag 16 juli 2011
zaterdag 5 februari 2011
Herinneringen
September 1991:
'Rilke bijna uit. Heb tussendoor gelezen: Voor ze me kende (Julian Barnes), Herkansing (Alice Adams), iets van Lou Andréas-Salomé, een dun boekje over Karen Blixen en enkele verhalen en reportages in de laatste NWT.
Gekocht: Dikke mensen van Luuk Gruwez en Liefdesverklaringen van Leonard Nolens. Was op de poëziedag in Watou. Nolens blonk uit, hij is erg indringend bij het voorlezen'.
Vroeger hield ik in een groen schrift met een zachte, nu verweerde, kaft bij wat ik las en wat ik ervan vond.
Ik blader er in terug tot ik lees: 'Rilke bijna uit'.
Van Rilke? over Rilke? Een mens zou denken dat Rilke, of het nu van of over hem was, na blijft zinderen, lang na blijft zinderen. Maar nee, ik weet het niet meer. Het waren in ieder geval niet 'Die Aufzeichnungen des Malte Laurids Brigge'. Die heb ik, maar die zitten in mijn spaarpotje voor als ik met pensioen ben. A propos, dat spaarpotje loopt bijna over.
Uit wat ik verder lees maak ik op dat het om een biografie ging. En ja, helemaal in de diepte, op een slapend rayon in de kast van mijn literair geheugen, begint er iets te bewegen, het rekt zich uit en gooit een verdwaasde blik op mij, die de deur van die kast geopend heeft.
Wordt vervolgd.
'Rilke bijna uit. Heb tussendoor gelezen: Voor ze me kende (Julian Barnes), Herkansing (Alice Adams), iets van Lou Andréas-Salomé, een dun boekje over Karen Blixen en enkele verhalen en reportages in de laatste NWT.
Gekocht: Dikke mensen van Luuk Gruwez en Liefdesverklaringen van Leonard Nolens. Was op de poëziedag in Watou. Nolens blonk uit, hij is erg indringend bij het voorlezen'.
Vroeger hield ik in een groen schrift met een zachte, nu verweerde, kaft bij wat ik las en wat ik ervan vond.
Ik blader er in terug tot ik lees: 'Rilke bijna uit'.
Van Rilke? over Rilke? Een mens zou denken dat Rilke, of het nu van of over hem was, na blijft zinderen, lang na blijft zinderen. Maar nee, ik weet het niet meer. Het waren in ieder geval niet 'Die Aufzeichnungen des Malte Laurids Brigge'. Die heb ik, maar die zitten in mijn spaarpotje voor als ik met pensioen ben. A propos, dat spaarpotje loopt bijna over.
Uit wat ik verder lees maak ik op dat het om een biografie ging. En ja, helemaal in de diepte, op een slapend rayon in de kast van mijn literair geheugen, begint er iets te bewegen, het rekt zich uit en gooit een verdwaasde blik op mij, die de deur van die kast geopend heeft.
Wordt vervolgd.
vrijdag 10 december 2010
Het boek is uit
En dan ineens, pats boem, is het gedaan. Je wil nog verderbladeren, maar dat kan niet meer: het boek is uit.
Je hebt dat niet zien aankomen, en dus lees je het einde niet als een einde. Walter en Patty zouden gaan verhuizen naar New York. Mijn gedachten fladderden al over the Big Apple, waar ik Patty weer met koekjes naar de buren zag gaan, en Walter als een groene gendarme de vogelbevolking rondom zijn huis zag beschermen (*). Je zou denken dat ik nu toch al een beetje kan inschatten hoelang zo'n boek duurt. Niets van, digitaal krijg je geen indicaties van het einde, en dus is dat er niet voor mij. En wat denkt u, nee hoor, ik mis het boek in mijn handen ook niet bij het lezen. Alleen bij het einde dus, en achteraf (een beetje).
Wat vreemder is, en een totale verrassing voor mij, is dat ik de boeken hier rondom mij af en toe met andere ogen bekijk. Alsof ze behoren tot een tijdperk dat al achter me ligt, en ze er vooral nog zijn voor de nostalgie. De boeken van nu zitten verborgen achter icoontjes. In eerste instantie zijn ze dus onzichtbaar. Aan het boek in je hoofd is geen boek uit de bibliotheek, in je boekenrek, uit de boekenwinkel verbonden. Wat de gevolgen daarvan zijn, kan ik niet inschatten, maar dat ze er zijn, waar twijfel ik niet aan.
(*) Freedom
Jonathan Franzen, Fourth Estate, London, 2010, 562 p.
Je hebt dat niet zien aankomen, en dus lees je het einde niet als een einde. Walter en Patty zouden gaan verhuizen naar New York. Mijn gedachten fladderden al over the Big Apple, waar ik Patty weer met koekjes naar de buren zag gaan, en Walter als een groene gendarme de vogelbevolking rondom zijn huis zag beschermen (*). Je zou denken dat ik nu toch al een beetje kan inschatten hoelang zo'n boek duurt. Niets van, digitaal krijg je geen indicaties van het einde, en dus is dat er niet voor mij. En wat denkt u, nee hoor, ik mis het boek in mijn handen ook niet bij het lezen. Alleen bij het einde dus, en achteraf (een beetje).
Wat vreemder is, en een totale verrassing voor mij, is dat ik de boeken hier rondom mij af en toe met andere ogen bekijk. Alsof ze behoren tot een tijdperk dat al achter me ligt, en ze er vooral nog zijn voor de nostalgie. De boeken van nu zitten verborgen achter icoontjes. In eerste instantie zijn ze dus onzichtbaar. Aan het boek in je hoofd is geen boek uit de bibliotheek, in je boekenrek, uit de boekenwinkel verbonden. Wat de gevolgen daarvan zijn, kan ik niet inschatten, maar dat ze er zijn, waar twijfel ik niet aan.
(*) Freedom
Jonathan Franzen, Fourth Estate, London, 2010, 562 p.
zondag 7 november 2010
Jonathan Franzen
Jonathan Franzen heeft een nieuw boek uit : Vrijheid.
Ik vond 'The corrections' zo goed, ik ga dit boek dus zeker lezen (iPad?).
Interview met de auteur in de Knack deze week.
Jonathan Franzen heeft het over de digitale wereld en het lezen van boeken. Ik citeer:
'Boeken moeten je ertoe brengen je mobieltje en je internetverbinding uit te schakelen en in een andere ruimte te gaan zitten lezen'.
'Ik ben geboeid door elk verhaal dat me zaken over mezelf vertelt waarvan ik weet dat ze waar zijn, maar waar ik de juiste woorden nog niet voor gevonden had. Zo voel ik me veel minder alleen dan ooit met e-mails mogelijk is'.
Ha, ik opgelucht en welgezind, want ook voor een auteur als J. F. zijn er dus nog dingen waarvoor hij nog geen woorden gevonden heeft.
Want woorden vinden voor de dingen, tastbaar of niet, hoger is de inzet niet bij het schrijven.
En over de brugbouwersfunctie van de auteur heeft hij het ook, maar daarover volgende keer meer.
Ik vond 'The corrections' zo goed, ik ga dit boek dus zeker lezen (iPad?).
Interview met de auteur in de Knack deze week.
Jonathan Franzen heeft het over de digitale wereld en het lezen van boeken. Ik citeer:
'Boeken moeten je ertoe brengen je mobieltje en je internetverbinding uit te schakelen en in een andere ruimte te gaan zitten lezen'.
'Ik ben geboeid door elk verhaal dat me zaken over mezelf vertelt waarvan ik weet dat ze waar zijn, maar waar ik de juiste woorden nog niet voor gevonden had. Zo voel ik me veel minder alleen dan ooit met e-mails mogelijk is'.
Ha, ik opgelucht en welgezind, want ook voor een auteur als J. F. zijn er dus nog dingen waarvoor hij nog geen woorden gevonden heeft.
Want woorden vinden voor de dingen, tastbaar of niet, hoger is de inzet niet bij het schrijven.
En over de brugbouwersfunctie van de auteur heeft hij het ook, maar daarover volgende keer meer.
zondag 24 oktober 2010
Kakfa 3
Kafka had vijf jaar lang een relatie per brief met Felice Bauer.
Een opmerking terzijde eerst: de biograaf suggereert dat Felice Bauer door de literaire kritiek niet als een geschikte partner voor Kafka wordt beschouwd, omdat ze intellectueel niet op zijn niveau zou gestaan hebben. Daar heb ik wel enige moeite mee. Felice was een zelfstandige vrouw, met een verantwoordelijke job, die veel las, en eigen opinies vormde. Voor die tijd was ze zeker een ontwikkelde vrouw.
Bovendien verliest men hierbij de simpele werkelijkheid uit het oog dat relaties ontstaan tussen mensen die elkaar ontmoeten. Als Kafka enkel een volwaardige partner zou gevonden hebben in iemand die net als hij een doctorstitel op zak had, dan zou de spoeling voor hem wel heel dun geworden zijn. Bovendien zou hij dan actief op zoek moeten zijn gegaan naar die vrouwen, en dat zie je hem nu echt niet doen.
Heel boeiend is de analyse die Stach maakt van deze brievenrelatie.
In deze analyse verklaart hij o.a. waarom Kafka, die zelf het begrip 'Nähe' blijft herhalen als kernwoord voor datgene wat hij in of door die brieven zocht, het trage medium brief gebruikte om een relatie te vormen en in stand te houden. Stach reflecteert over de rol en het aanzien die brieven in de cultuurgeschiedenis hebben gehad. Hij haalt daarbij andere voorbeelden van beroemde briefwisselingen aan. Hij weidt uit over het feit dat brieven niet alleen een uitdrukking zijn van een relatie, maar tegelijk ook die relatie helpen opbouwen.
In onze tijd, waarin maar heel zelden een echte brief in je brievenbus belandt, lijkt zo'n intense briefwisseling als Kafka en Felice Bauer hadden, heel speciaal, en heel romantisch ook. En niet vergeten dat het hier om brieven gaat die geschreven werden door een schrijver van het formaat Franz Kafka.
Een opmerking terzijde eerst: de biograaf suggereert dat Felice Bauer door de literaire kritiek niet als een geschikte partner voor Kafka wordt beschouwd, omdat ze intellectueel niet op zijn niveau zou gestaan hebben. Daar heb ik wel enige moeite mee. Felice was een zelfstandige vrouw, met een verantwoordelijke job, die veel las, en eigen opinies vormde. Voor die tijd was ze zeker een ontwikkelde vrouw.
Bovendien verliest men hierbij de simpele werkelijkheid uit het oog dat relaties ontstaan tussen mensen die elkaar ontmoeten. Als Kafka enkel een volwaardige partner zou gevonden hebben in iemand die net als hij een doctorstitel op zak had, dan zou de spoeling voor hem wel heel dun geworden zijn. Bovendien zou hij dan actief op zoek moeten zijn gegaan naar die vrouwen, en dat zie je hem nu echt niet doen.
Heel boeiend is de analyse die Stach maakt van deze brievenrelatie.
In deze analyse verklaart hij o.a. waarom Kafka, die zelf het begrip 'Nähe' blijft herhalen als kernwoord voor datgene wat hij in of door die brieven zocht, het trage medium brief gebruikte om een relatie te vormen en in stand te houden. Stach reflecteert over de rol en het aanzien die brieven in de cultuurgeschiedenis hebben gehad. Hij haalt daarbij andere voorbeelden van beroemde briefwisselingen aan. Hij weidt uit over het feit dat brieven niet alleen een uitdrukking zijn van een relatie, maar tegelijk ook die relatie helpen opbouwen.
In onze tijd, waarin maar heel zelden een echte brief in je brievenbus belandt, lijkt zo'n intense briefwisseling als Kafka en Felice Bauer hadden, heel speciaal, en heel romantisch ook. En niet vergeten dat het hier om brieven gaat die geschreven werden door een schrijver van het formaat Franz Kafka.
zaterdag 2 oktober 2010
Kafka 2
Kafka schreef 'Das Urteil' praktisch in één nacht, aan het begin van een schrijfroes die een hele tijd aanhield. Op de golven van dezelfde roes begint hij daarna aan Amerika, of Der Verschollene.
Koud krijg ik het als ik lees over hoe dit laatste boek tot stand kwam.
Stach is voor mij nu al een meesterbiograaf. Meer dan honderd bladzijden over de jonge Kafka gaan vooraf aan de geboorte van diens eerste meesterwerk, schijnbaar zonder dat er iets gebeurt. We zien Kafka als een neurotische jongeman, constant in de problemen met of ontevreden over zijn te dicht op zijn huid levende familie, zijn job op een verzekeringsbureau, zijn functie als bedrijfsleider, zijn brievenrelatie met Felice Bauer, zijn eigen literaire productie, zijn gezondheid, maar;... met één absolute zekerheid: dat hij zou schrijven. Daar richtte hij heel zijn leven naar in. Misschien moet je een absolute Kafkabewondering hebben zoals ik om van deze prelude te genieten. Maar deze lange invalsweg is onmisbaar om Kafka's schrijverschap en de eisen die het aan zijn leven stelde te begrijpen.
En de beschrijving van de geboorte van Das Urteil vind ik adembenemend:
'Es war eine Eruption, die in der Weltliteratur ihresgleichen sucht: Met einem Schlag, scheinbar geschichts- und voraussetzungslos, war der Kafka-Kosmos präsent, schon vollständig möbliert met jenem "kafkaesken" Inventar, das dem Werk eine unverwechselbare serielle Einheid aufprägt: die übermächtige und zugleich 'schmutzige' Vaterinstanz, die ausgehöhlte Rationalität der Perspektivfigur, die Überlagerung des Alltags durch juridische Strukturen, die Traumlogik der Handlung und nicht zuletzt der den Erwartungen und Hoffnungen des Helden stets entgegengerichtete Sog des Erzählflusses.'
Op 'Brief an den Vater' na, is het misschien vijftien jaar geleden dat ik nog iets van Kafka las, maar Stach zet hierboven in een paar forse trekken meteen voor mij weer de hele Kafka-wereld neer.
Ik zou hem wel een dankbrief willen schrijven, die Stach,
Maar het is belange nog niet gedaan.
Wordt nog maar eens vervolgd.
Koud krijg ik het als ik lees over hoe dit laatste boek tot stand kwam.
Stach is voor mij nu al een meesterbiograaf. Meer dan honderd bladzijden over de jonge Kafka gaan vooraf aan de geboorte van diens eerste meesterwerk, schijnbaar zonder dat er iets gebeurt. We zien Kafka als een neurotische jongeman, constant in de problemen met of ontevreden over zijn te dicht op zijn huid levende familie, zijn job op een verzekeringsbureau, zijn functie als bedrijfsleider, zijn brievenrelatie met Felice Bauer, zijn eigen literaire productie, zijn gezondheid, maar;... met één absolute zekerheid: dat hij zou schrijven. Daar richtte hij heel zijn leven naar in. Misschien moet je een absolute Kafkabewondering hebben zoals ik om van deze prelude te genieten. Maar deze lange invalsweg is onmisbaar om Kafka's schrijverschap en de eisen die het aan zijn leven stelde te begrijpen.
En de beschrijving van de geboorte van Das Urteil vind ik adembenemend:
'Es war eine Eruption, die in der Weltliteratur ihresgleichen sucht: Met einem Schlag, scheinbar geschichts- und voraussetzungslos, war der Kafka-Kosmos präsent, schon vollständig möbliert met jenem "kafkaesken" Inventar, das dem Werk eine unverwechselbare serielle Einheid aufprägt: die übermächtige und zugleich 'schmutzige' Vaterinstanz, die ausgehöhlte Rationalität der Perspektivfigur, die Überlagerung des Alltags durch juridische Strukturen, die Traumlogik der Handlung und nicht zuletzt der den Erwartungen und Hoffnungen des Helden stets entgegengerichtete Sog des Erzählflusses.'
Op 'Brief an den Vater' na, is het misschien vijftien jaar geleden dat ik nog iets van Kafka las, maar Stach zet hierboven in een paar forse trekken meteen voor mij weer de hele Kafka-wereld neer.
Ik zou hem wel een dankbrief willen schrijven, die Stach,
Maar het is belange nog niet gedaan.
Wordt nog maar eens vervolgd.
woensdag 29 september 2010
Jonathan Coe
Het is gelukt: ik heb mijn eerste electronisch boek gedownload op mijn iPad.
U wil niet weten hoelang het geduurd heeft, en vooral niet welke stomme fout ik keer op keer maakte, waardoor ik telkens terug naar af werd geleid. Maar nu gaat het als eerste en totnogtoe enige kaft schuil achter het Amazonicoon op mijn startscherm: The terrible privacy of Maxwell Sim. Door Jonathan Coe.
En nee, Coe krijgt geen voorrang, want tegen Kafka kan hij het niet halen, maar dit boek is toch een mijlpaaltje in mijn lezend leven. Om metaredenen dus. Andere redenen kunnen nog gevonden worden....
U wil niet weten hoelang het geduurd heeft, en vooral niet welke stomme fout ik keer op keer maakte, waardoor ik telkens terug naar af werd geleid. Maar nu gaat het als eerste en totnogtoe enige kaft schuil achter het Amazonicoon op mijn startscherm: The terrible privacy of Maxwell Sim. Door Jonathan Coe.
En nee, Coe krijgt geen voorrang, want tegen Kafka kan hij het niet halen, maar dit boek is toch een mijlpaaltje in mijn lezend leven. Om metaredenen dus. Andere redenen kunnen nog gevonden worden....
Abonneren op:
Posts (Atom)