zaterdag 2 oktober 2010

Kafka 2

Kafka schreef 'Das Urteil' praktisch in één nacht, aan het begin van een schrijfroes die een hele tijd aanhield. Op de golven van dezelfde roes begint hij daarna aan Amerika, of Der Verschollene.
Koud krijg ik het als ik lees over hoe dit laatste boek tot stand kwam.
Stach is voor mij nu al een meesterbiograaf. Meer dan honderd bladzijden over de jonge Kafka gaan vooraf aan de geboorte van diens eerste meesterwerk, schijnbaar zonder dat er iets gebeurt. We zien Kafka als een neurotische jongeman, constant in de problemen met of ontevreden over zijn te dicht op zijn huid levende familie, zijn job op een verzekeringsbureau, zijn functie als bedrijfsleider, zijn brievenrelatie met Felice Bauer, zijn eigen literaire productie, zijn gezondheid, maar;...  met één absolute zekerheid: dat hij zou schrijven. Daar richtte hij heel zijn leven naar in. Misschien moet je een absolute Kafkabewondering hebben zoals ik om van deze prelude te genieten. Maar deze lange invalsweg is onmisbaar om Kafka's schrijverschap en de eisen die het aan zijn  leven stelde te begrijpen.
En de beschrijving van de geboorte van Das Urteil vind ik adembenemend:

'Es war eine Eruption, die in der Weltliteratur ihresgleichen sucht: Met einem Schlag, scheinbar geschichts- und voraussetzungslos, war der Kafka-Kosmos präsent, schon vollständig möbliert met jenem "kafkaesken" Inventar, das dem Werk eine unverwechselbare serielle Einheid aufprägt: die übermächtige und zugleich 'schmutzige' Vaterinstanz, die ausgehöhlte Rationalität der Perspektivfigur, die Überlagerung des Alltags durch juridische Strukturen, die Traumlogik der Handlung und nicht zuletzt der den Erwartungen und Hoffnungen des Helden stets entgegengerichtete Sog des Erzählflusses.'

Op 'Brief an den Vater' na, is het misschien vijftien jaar geleden dat ik nog iets van Kafka las, maar Stach zet hierboven in een paar forse trekken meteen voor mij weer de hele Kafka-wereld neer.
Ik zou hem wel een dankbrief willen schrijven, die Stach,
Maar het is belange nog niet gedaan.
Wordt nog maar eens vervolgd.

woensdag 29 september 2010

Jonathan Coe

Het is gelukt: ik heb mijn eerste electronisch boek gedownload op mijn iPad.
U wil niet weten hoelang het geduurd heeft, en vooral niet welke stomme fout ik keer op keer maakte, waardoor ik telkens terug naar af werd geleid. Maar nu gaat het als eerste en totnogtoe enige kaft schuil achter het Amazonicoon op mijn startscherm: The terrible privacy of Maxwell Sim. Door Jonathan Coe.
En nee, Coe krijgt geen voorrang, want tegen Kafka kan hij het niet halen, maar dit boek is toch een mijlpaaltje in mijn lezend leven. Om metaredenen dus. Andere redenen kunnen nog gevonden worden....

maandag 20 september 2010

Kafka

Ik lees een biografie van Franz Kafka (*). Er is geen verklaring voor dat ik dat niet eerder deed. Mijn gangen door de bibliotheek zijn misschien te taalgebonden. Of komt het doordat er niet eerder een omvattende biografie van Kafka geschreven werd? De auteur van deze biografie (die overigens toch al dateert van 2002), Reiner Stach, zoekt de oorzaak hiervan bij het weinig gebeurtenisvolle, onbeduidende leven dat Kafka leidde. Het is logisch. En toch shockeert die verklaring me meer dan een beetje: onbeduidendheid en Kafka, tussen deze twee staan de degens toch gekruist. Wat er ook van zij, dit eerste deel (Die Jahre der Entscheidungen) sleurt me meteen mee.

En in deze eerste weken van mijn vlees- en visloze bestaan ben ik zeer geamuseerd door het volgende beeld van de op het dwangmatige af met zijn voedsel gepreoccupeerde Kafka:
"Während Kafka, ein ebenso unbelehrbarer wie anspruchsvoller Vegetarier, unter den verächtlichen Blicken seines Vaters ein ganzes Sortiment von Tellern und Schüsselchen um sich aufbaute, wahlweise mit Joghurt, Nüssen, Kastanien, Dateln, Feigen, Trauben, Mandeln, Rosinen, Bananen, Orangen oder sonstigen teurem Obst, dazu ein wenig Vollkornbrot".
Ik zie het voor me.
Lezers, dit is een boek met een helblauw lintje.
En of dit vervolgd wordt.

(*) Kafka, 1. Die Jahre der Entscheidungen, Reiner Stach
S. Fischer, Frankfurt am Main, 2002, 671 p.

zaterdag 24 juli 2010

Eating animals


Deze foto staat in 'Paardejam' van Charlotte Mutsaers.
Ik kan hier nu aanhalen wat zij erover schrijft, of ik kan u vertellen wat ik ervan vind of denk, maar misschien kijkt u best nog even zelf. Ik geef u twee blanco lijntjes.


Dat paard, zo rustig, zo vol vertrouwen.

Charlotte Mutsaers vraagt zich in hetzelfde boek af, hoe groot dieren moeten zijn, opdat we ons schuldig zouden voelen als we ze doodmaken. Vanaf welke grootte doen we het niet meer zonder verpinken?

Charlotte Mutsaers at heel graag vlees, toch werd ze vegetariër. Dat viel haar heel zwaar, maar ze besloot nu eenmaal geen dieren meer te eten. Ze anticipeerde daarmee op 'Eating animals' van Jonathan Safran Foer.

Wie Eating animals leest, kijkt nooit meer met dezelfde ogen naar dieren in de wei, naar een kippenhok, naar camions vol grommende varkens.
Die kijkt zeker ook nooit meer met dezelfde ogen naar vis op zijn/haar bord, naar vlees in de supermarkt of bij de slager, naar worst of kip op de barbecue. J.S. Foer vergalt uw plezier en uw smaak erin, en hij doet dat grondig.

Ik waarschuw u dus, als uw dagelijks of zelfs tweedagelijks - want de meeste mensen eten volgens hun eigen zeggen 'niet veel vlees' - stukje vlees of vis u lief is, laat dit boek dan liggen of staan waar het ligt of staat.
Want wie Eating animals leest, kan niet anders dan gaan nadenken over het eten van dieren. Die verliest op zijn minst voorgoed zijn/haar onschuld mbt tot dat carnivorisme
Wie het leven, het welzijn, en de dood van dieren nauw aan het hart liggen, die haalt dit boek zonder twijfel over de drempel. Dat deed het in ieder geval met mij.

dinsdag 20 juli 2010

Het begon op een zondag

Ik lees ze in fits, soms drie, vier na elkaar.
Ik heb het over thrillers.
Aan de basis liggen de boeken die mijn zus meebracht uit de bibliotheek : van die boeken met een soepele kaft, uitgegeven in de reeks FB (FB stond in kleine drukletters onderaan op de rug van de band). 'Het begon op een zondag' was de absolute smaakmaker. Ik zie het nog voor me. Het gaat over twee vriendinnen. De ene wordt vermoord, en de andere, die dus het verhaal vertelt, ontkomt op een haartje hetzelfde lot. Spannénd. En uit nostalgie heb ik het boek wel een drietal keren herlezen. Wie het mij kan bezorgen, graag, ik betaal ervoor.
Volgden alle delen in de reeks die ik te pakken kon krijgen. Geen sinecure toen, want van de bibliotheekmedewerkster in de toenmalige DF-bibliotheek kreeg ik ze niet mee. Ik was aangewezen op wat mijn zus meebracht. Ik moest het dus zo weten te regelen dat ik ze nog kon lezen voordat zij ze terug bracht. Sterk was ze in dat terugbrengen gelukkig niet.
Ik heb de laatste tien jaar de thriller- en detective-oogst op zijn minst zien vertienvoudigen. Wat is het met thrillers dat ze mensen zo aanspreken? Het gaat om een mengelmoes van zaken denk ik. We houden van de spanning in thrillers, en we houden ervan in het kwadraat omdat we in en uit die spanning kunnen stappen wanneer we dat willen. Ik zou in ieder geval niet in het echt zo dicht rond de grenzen van het bestaan willen ronddwalen. Raadsels oplossen ligt mij zonder twijfel, maar of dat er toe doet? In de psychologie van een ander willen duiken, dát doet er zeker toe. En dat voyeurisme is mij ten zeerste bekend (ik lees omdat ik een voyeur ben, denk ik soms, maar dat terzijde). Wees maar gerust, de donkere kant van mensen stoot me af, maar ja, ze trekt me in dezelfde beweging ook aan.
Het genre 'psychologische thriller' zal als benaming niet ouder zijn dan 10, 15 jaar. God weet dat ze te pas en te onpas gebruikt wordt, maar goed, ik wil maar zeggen dat ik van dit genre houd, niet van bv. actiethrillers. Agatha Christie heb ik als tiener aanbeden. Daarna niet meer. Daarna schuif je door naar, ja, naar wie? Naar Ruth Rendell bijvoorbeeld, nog altijd een van de beste voor mij, alhoewel haar vlag aan het zinken is.
Wordt vervolgd.

PS. 'Vrijdag 13 april', kocht ik voor de kaft, schitterend, die afwerende hand, dat huis tussen die kale bomen in de maneschijn (?). Het stelt als thriller niet veel voor. Maar het is goed geschreven en humoristisch.
De kaft moet hier die van 'Het begon op een zondag' vervangen, daar vind ik momenteel niets over terug.

zaterdag 19 juni 2010

The lost art of gratitude

Ik heb een hele tijd gedacht dat achter de naam Alexander McCall Smith een vrouw schuilging. Niet zozeer om de nogal voor de hand liggende reden, nl. dat de hoofdpersoon in werken van voornoemd auteur altijd een vrouw is (ik heb het hier over de reeks The No. 1 Ladies' Detective Agency, want dit zijn de enige werken die ik hiervóór van de auteur gelezen had). Nee, het is veeleer de filosofische inslag van de overpeinzingen die mij aan een vrouwelijke auteur deden denken. Nu ja, ik vind het nu net fijn dat de auteur een man is. Een mens wil niet altijd zijn zekerheden bevestigd zien.
De romans van McCall Smith in de genoemde reeks geven mij altijd een opgeruimd gevoel.  Het leven is zo overzichtelijk : je hebt dus het leven en dat gaat zijn gang, dan heb je problemen die zich aanmelden, je hebt het gezond verstand en de goede wil die samen een oplossing zoeken ervoor, en voilà, het leven is weer zoals voorheen.
'The lost art of gratitude' volgt hetzelfde stramien. Isabelle Dalhousie is een gelukkige vrouw : lieve partner, gezond zoontje, boeiende job en geen geldproblemen. Normaliter zou zich nu op een of ander vlak een crisis moeten voordoen, die het verhaal aan het rollen brengt. Maar bij A. McCall Smith werkt dat niet op die manier. Nee, er is geen fundamenteel probleem. Er zijn wel verschillende kleinere problemen, problemen die zich voordoen op deelvlakken van het leven van het hoofdpersonage. Haar job als hoofdredacteur van een filosofisch tijdschrift wordt -een beetje-bedreigd. Een oude kennis daagt op en heeft zich kennelijk voorgenomen om Isabelle in te schakelen om een aantal wél fundamentele problemen (ontrouw, ouderschap, geld) in haar leven op te lossen. Wees gerust, als tegengewicht vat Isabelle's heel aantrekkelijke partner, die daarbij het voordeel heeft dat hij gek is op haar, het plan op om met haar te trouwen. En wees ook maar gerust wat de deelproblemen betreft, Isabelle lost ze één voor één op. Behalve in het voor mij deugddoende uit de weg ruimen van problemen, ligt de aantrekkelijkheid van deze roman vooral in de filosofische overpeinzingen van de hoofdfiguur. Bij elk vraagstuk dat zich aan haar opdringt stelt zij zich de vraag: wat is moreel handelen in dit geval. Je gaat vanzelf glimlachen, om de herkenning hier en daar, om de mildheid van haar oordeel, om het plezier van deze ontmoeting met een goed mens.
Zoals gezegd, ik word er opgeruimd van. Deze redelijkheid, dit positivisme werken als aroma's met een helende kracht.
Wat mij extra opgeruimd maakt, is de vaststelling dat 'The lost art of gratitude' een deel is uit een reeks rond deze Isabelle Dalhousie.
Ik hou deze werkjes achter de hand, voor tijden van metternood.

dinsdag 25 mei 2010

Lepeltje

Vanavond las ik, met mijn kont op het terras, en mijn voeten in het warme gras, naast mij Belle, die weet wanneer ze verliefd moet kijken 'Verzamel de liefde' van Bart Moeyaert.
Beetje woordspelerig. Lichtvoetig en luchtig ook. Beetje zoals Herman De Coninck..
Beetje anders toch, zonder de zoalssen, en met meer semantisch spel.
Poëzie over woorden en over delen van het lichaam die liefde spreken.
Het mooiste vind ik Lepeltje.

Daarom geef ik het u hier als smaakmaker:

Lepeltje

Sinds ik met je wakker word
als in een la die leeg is
op ons tweeën na,
is wat er morgen komt
ondergeschikt aan
wat vandaag al is begonnen.
We gaan met een bepaalde
logica eerst af hoe wij
vandaag weer samenhangen.
Dit is jouw been, dit is
mijn rug, mag ik hem nu
van jou terug, en wat ik
verder zou verlangen
is dat we opstaan, en
ons leven vanaf hier
hervatten, met jou dan
naast mijn hart onder
mijn arm - ik hou
je tot vanavond warm,
totdat je slaapt en daarna
wakker wordt als in een la,
leeg op ons tweeën na.

Uit: Verzamel de liefde, Bart Moeyaert, Querido, 2003